Graff koopt, herslijpt en hernoemt de Wittelsbach
Laurence Graff kocht vorig jaar november bij Christie’s voor 18.7 miljoen euro de Wittelsbach diamant. Hij maakte de diamant bijna 4 karaat lichter en vernoemde hem naar zichzelf. Hierover ontstond enorme commotie. De diamant, die nu de Wittelsbach-Graff heet, zou onherkenbaar zijn en zijn historische integriteit zou zijn aangetast.
Ooit meette de Wittelsbach 35.56 karaat (1 karaat is 200 mg.), met een Fancy Deep Greyish Blue kleur en VS2 helderheid. De Wittelsbach had een ongewoon slijpsel van 82 facetten: antiek ovaal ster briljant. De steen werd waarschijnlijk rond 1600 geslepen uit Golconda materiaal.
Blauwe diamanten van deze grootte zijn aller-zeldzaamst. Een andere bekende blauwe steen is zijn neefje: de Hope diamant. Bij het herslijpen of bijslijpen van de meeste diamanten wordt over het algemeen geen wenkbrauw opgetrokken, de Taylor-Burton diamant bijvoorbeeld (zie volgende post) is nu in het bezit van Robert Mouawad. Mouawad maakte de Taylor-Burton ook 1.5 karaat lichter dan het originele ontwerp van Harry Winston. Maar nu staat de hele wereld op zijn kop. Die van het vakgebied althans – het zou interessant zijn om te weten of de rest van de wereld zich er ook zo over opwindt. Graff gaf de Wittelsbach-Graff in bruikleen aan het Smithsonian in Washington, waar de diamant tot augustus van 2010 zij aan zij te zien is met de Hope: A rare encounter heet de tentoonstelling dan ook.
De koninklijke geschiedenis: Huis Habsburg & Huis Beieren
De Wittelsbach was lang in koninklijk bezit.
De Infanta Margareta Teresa kreeg de steen toen zij zich op 15 jarige leeftijd in 1664 verloofde met Leopold I. Een eeuw later kreeg de steen zijn naam: toen hij door het huwelijk van Maria Amalia van Oostenrijk met Karel van Beieren in 1722 eigendom werd van het Beierse vorstenhuis Wittelsbach. De eerste koning van Beieren, Maximiliaan IV, liet bij zijn kroning in 1806 een kroon ontwerpen met de Wittelsbach als stralend middelpunt. De laatste koning, Louis III, droeg de Wittelsbach nog bij zijn abdicatie in 1918.
De moderne geschiedenis: familie Goldmuntz & Heidi Horten
Tijdens de depressie in 1931 probeerde de familie de Wittelsbach te verkopen bij Christie’s. De steen werd afgeslagen op GBP 5.400,- maar bleef onverkocht. In 1958 was de Wittelsbach incognito te zien op de wereldtentoonstelling in Brussel. Pas in 1962 werd de Wittelsbach ‘teruggevonden’ toen de familie Goldmuntz de Antwerpse diamantslijper Joseph Komkommer vroeg om een oude diamant te herslijpen. Komkommer stelde met een schok vast dat het hier de Wittelsbach betrof. Herslijpen leek hem heiligschennis en hij regelde snel een consortium dat de steen kocht voor GBP 180.000, -. Minder bekend is dat de Wittelsbach in 1964 verkocht werd aan warenhuismagnaat Helmut Horten als huwelijksgeschenk voor zijn vrouw Heidi. Maar dat Graff nu eigenaar is van de Wittelsbach-Graff kan niemand zijn ontgaan…
Wittelsbach-Graff: renovatie of vandalisme?
Graff meent dat hij de Wittelsbach-Graff ‘slechts een opknapbeurt’ heeft gegeven: de beschadigingen aan de rondist en krassen op de tafel zijn verwijderd en de kleur is wat versterkt. Ook al heeft de Wittelsbach-Graff nu een hogere diamant certificering - de insluitsels zijn verdwenen en de kleur is Fancy geworden (van VS2 naar IF en Fancy Deep Blue) – de originele kenmerken van de Wittelsbach zijn volgens Graff behouden. Hieronder zijn de before and after foto’s te zien. De steen verloor wel 4.45 karaat en meet nu 31.06 karaat. In plaats van een waardevermindering van 2.5 miljoen euro door het verlies aan gewicht, meent Graff dat zijn steen zeker drie keer zoveel waard is.


Collega’s, juweliers en historici denken echter heel anders over deze opknapbeurt en het herslijpen van de Wittelsbach krijgt veel kritiek.
Inez noemt het hubris (overmoed), maar je hoort het sterker: de poëtische meesterslijper Gabi Tolkowsky vindt het “het einde van cultuur” en zelfs het woord “crimineel” wordt in de mond genomen. De vergelijking met schilderkunst wordt vaak getrokken: het herslijpen van een historische diamant is als het overschilderen van een Rembrandt. Fritz Falk, voormalig directeur van het juwelenmuseum in Pforzheim, beschrijft het grote herslijpen het helderst: “de steen heeft misschien meer leven, maar ook beduidend minder authenticiteit. Ooit was de Wittelsbach deel van Europese geschiedenis, maar deze steen is de Wittelsbach niet meer.”
Maar er zijn ook positieve geluiden. De gemmologen van het Smithsonian zijn dolgelukkig dat ze de Hope en de Wittelsbach-Graff tot in detail kunnen onderzoeken en vergelijken, want dit levert een schat aan informatie op. Zo is al gebleken dat de stenen niet uit hetzelfde ruwe materiaal komen, zoals altijd werd vermoed. Voorts ziet diamantslijper Maarten Witte voordelen voor zijn vak: “De steen is beroemd om zijn geschiedenis en omdat hij groot en blauw is, niet om zijn slijpsel. Door de steen mooier te maken door een modern slijpsel, laat je ook de vooruitgang zien in de kunst van het slijpen.”
Dilemma?
Ja. Een van de belangrijkste historische diamanten is een moderne nieuwe steen geworden met een nieuwe look en een nieuwe naam. Vanuit dit gezichtspunt had Graff de diamant beter – of eerlijker – de Graff diamant kunnen noemen. Of de steen mooier geworden is, is niet aan de orde.
Paula Weideger omschrijft dit dilemma goed in haar artikel in de Financial Times van 18 november jl.: “The diamond has been rebranded as the Wittelsbach-Graff. But can its owner have it both ways? In removing carats, has he also removed its links to the past? Well, what if he has? Does it matter if today the stone is livelier and therefore more attractive to certain potential buyers? Is history more important than striving for perfection; than profit?”
Flashy nieuwe steen of mislukte facelift?
Kies je voor een ingrijpende renovatie of voor behoud van cultuurhistorie? En is het herslijpen van de Wittelsbach een marketingtruc of noodzakelijk onderhoud?
Can you have the cake and eat it too?
Wie het weet mag het zeggen. De meningen lopen uiteen, deel uw mening met ons en reageer op dit dilemma.